Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam

Nucleaire geneeskunde

Locatie: F2 Noord
Telefoonnummer: 020-566.2775Skeletscan

Op de afdeling Nucleaire geneeskunde wordt de functie van organen geanalyseerd met behulp van radioactiviteit. Met speciale camera’s worden opnamen gemaakt van radioactieve stoffen die in het lichaam zijn ingebracht. Zo kan bijvoorbeeld de doorbloeding van het hart worden bekeken, of wordt de werking van nieren vastgelegd.

Een beperkt aantal radioactieve stoffen is als medische toepassing geschikt. Om ervoor te zorgen dat de stof bij het juiste orgaan terecht komt, kan er aan de radioactieve stof een andere (niet radioactieve) stof gekoppeld worden. Zodoende ontstaat er een nieuwe stof met bijzondere eigenschappen. Een dergelijke combinatie wordt ‘radiofarmacon’ genoemd. Zo wordt bijvoorbeeld fosfaat toegevoegd voor de analyse van botten en wordt jodium gebruikt om de schildklier te bekijken. De toediening van het radiofarmacon wordt in de meeste gevallen gedaan door middel van een injectie in een bloedvat (meestal een ader in de arm, zoals bij een bloedafname). Het kan ook zijn dat u het radiofarmacon in de vorm van een pannenkoek of een capsule krijgt toegediend. Het komt zelden voor dat een patiënt last heeft van bijwerkingen door toediening van het radiofarmacon.

Het lijkt misschien eng dat een radioactieve stof in uw lichaam terecht komt. Dit gevoel is logisch maar niet terecht. De radioactieve stoffen die op de afdeling Nucleaire geneeskunde worden gebruikt, verblijven kort in het lichaam. De mogelijke stralingsgebonden effecten van de onderzoeken zijn minimaal en vergelijkbaar met die van gewone röntgenonderzoek. De radioactieve stof die wij het meest gebruiken is de ‘technetium’. Technetium heeft de eigenschap dat het de radioactiviteit iedere zes uur het de helft afneemt. Dit houdt in dat er na één dag bijna niets meer van over is. Het is goed om na een onderzoek wat meer te drinken dan normaal. Zodoende verlaat het deel van de stof dat niet in de organen is opgenomen, via de urine, eerder het lichaam. De stoffen die we gebruiken zijn niet schadelijk voor uw begeleider.