Het geven van een tussentijdse beoordeling

Afhankelijk van de lengte van het co-schap wordt een tussentijdse beoordeling gegeven. Bij kortdurende co-schappen (tot 5 weken) is dit niet het geval. Het tussentijdse beoordelingsformulier zit achter in het boekje en zijn doordruk formulieren. Een tussentijdse beoordeling wordt door een staflid / supervisor gegeven.

De tussentijdse beoordeling heeft als doel om de ontwikkeling tot op dat moment te bespreken en te overleggen wat goed gaat en wat nog beter zou kunnen. Dit gebeurt op basis van de tot dan toe ingevulde formulieren die de coassistent tot dat moment heeft verzameld en het ingevulde zelfreflectieformulier dat de co-assistent zelf heeft ingevuld.

U spreekt met de co-assistent af waar die zich de komende tijd op gaat richten en hoe hij/zij dat gaat doen. Dit kan bijvoorbeeld gaan over het ophalen van medische kennis t.a.v. bepaalde ziektebeelden, maar ook over de wijze waarop hij/zij werk organiseert of een gesprek voert. De co-assistent heeft hier zelf ook een rol in door te vragen naar verbeterpunten en om advies. Noteer de gemaakte afspraken op het tussentijdse beoordelingsformulier.

Op het formulier staat wat er met de verschillende exemplaren moet gebeuren.

De tussentijdse beoordeling heeft voor de student geen gevolgen in de zin van studievoortgang echter de student heeft nog steeds de gelegenheid zichzelf te verbeteren en ontwikkeling te laten zien. Indien de co-assistent beneden verwacht niveau scoort tijdens de tussentijdse beoordeling is van belang om af te spreken waarop u verdere ontwikkeling verwacht. De AMC co-schapcoördinator moet hiervan op de hoogte worden gesteld. Voor de co-assistent kan het prettig zijn om zijn/haar tussentijdse beoordeling ook met een onpartijdig iemand te bespreken. Hiervoor kunt u de co-assistent die beneden verwacht niveau scoort adviseren contact op te nemen met de studieadviseur. U kunt zelf ook terecht bij de studieadviseur voor advies welke begeleiding u de co-assistent kunt geven.

Zelfreflectieformulier

In het zelfreflectieformulier geeft de coassistent aan wat hij/zij als feedback heeft gekregen in de afgelopen periode: wat vond men sterk en wat zijn als verbeterpunten genoemd? Hier reflecteert de co-assistent op, geeft aan wat hij/zij van deze feedback vindt en vooral, wat hij/zij met de feedback gaat doen. De eigen analyse is input voor het tussentijdse beoordelingsgesprek en helpt de co-assistent om concreet te maken waar zijn/haar leerpunten nog zitten, maar ook wat juist al goed gaat en de co-assistent dus vooral zo moet blijven doen. Het helpt u om een gesprek te voeren over iemands leerpunten. U kunt hierbij aangeven dat u de analyse van de co-assistent deelt en/of hier aanvullingen op geven.