Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde

Meedoen aan onderzoek

Van veel bestaande behandelingen is niet goed bekend of ze werkelijk helpen. Ook is vaak niet bekend hoe behandelingen die veel worden toegepast zich ten opzichte van elkaar verhouden: Hoe goed werkt de ene behandeling ten opzichte van de andere behandeling? Welke behandeling geeft de minste complicaties?

Dankzij de deelname van patienten die u voor zijn gegaan, weten we nu dat bij vrouwen met onverklaarde herhaalde miskramen medicijnen die bloedstolsels tegengaan geen oplossing bieden. Een voorbeeld van een onderzoek dat heeft aangetoond dat een bepaalde behandeling waarover onzekerheid bestond wel werkt, is de bedrust studie. Dankzij de vrouwen die hebben deelgenomen, weten we nu dat 15 minuten blijven liggen na IUI de kans op zwangerschap sterk vergroot.

Deelname aan onderzoek leidt tot waardevolle en onmisbare informatie die meehelpt om de zorg en uw kansen te verbeteren. Wij vragen u daarom vriendelijk om deel te nemen aan lopende onderzoeken in het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde. Mochten er op enig moment vragen zijn, aarzel dan niet om deze aan uw arts te stellen. Hier vindt u informatie hoe wetenschappelijk onderzoek werkt. Er is ook een uitgebreide folder beschikbaar van de Rijksoverheid. Hieronder vindt u informatie over de lopende onderzoeken. U kunt ook de resultaten van eerdere onderzoeken bekijken.

TESE: biobanken van testis biopt na TESE

Het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde (CVV) van het AMC doet al jaren wetenschappelijk onderzoek naar de verschillende oorzaken van onvruchtbaarheid om toekomstige behandelingen te ontwikkelen voor herstel van de vruchtbaarheid. Een deel van dit onderzoek wordt gedaan met biopten uit de zaadbal en met restweefsel dat overblijft na een testiculaire sperma extractie (TESE).

In dit onderzoek willen we uit het weefsel, dat tijdens een TESE operatie uit de zaadbal wordt weggehaald, kijken naar alle cellen en hun ontwikkelingsstadia. Er zal gekeken worden naar de steun- en voedingscellen maar ook naar volwassen zaadcellen en hun voorloperstapjes. Hiermee kunnen we de ontwikkeling van zaadcellen stap voor stap volgen. Aan het onderzoek kunnen zowel mannen met een aanmaakstoornis van zaadcellen (non-obstructieve azoöspermie) als een blokkade (obstructieve azoöspermie) deelnemen.

Mannen met een blokkade kunnen alleen deelnemen als het niet lukt om uit hun bijbal geschikte zaadcellen te halen (MESA) en daarom een TESE procedure moet plaatsvinden.

Alleen in dat laatste geval kan een additionele biopt genomen worden voor wetenschappelijk onderzoek.

In het geval van een aanmaakstoornis van zaadcellen proberen we er achter te komen welke stap in de ontwikkeling verstoord is, terwijl bij een blokkade we juist alle stappen van de aanmaak van zaadcellen kunnen volgen.

Deze kennis kunnen we vervolgens gebruiken om de aanmaak van zaadcellen in het laboratorium na te bootsen om mogelijk in de toekomst aanmaakstoornissen te kunnen opheffen.

De patiënten die gevraagd zijn voor deelname kunnen de uitgebreide brochure 'Biobanken van testisbiopten van azoösperme mannen die een TEsticulaire Sperma Extractie (TESE) ondergaan' downloaden.


Diagnostiek: schuimecho of baarmoederfoto?

FOAM - U heeft met uw arts  besproken dat er bij u een baarmoederonderzoek verricht zal worden om te kijken of uw eileiders doorgankelijk zijn. Een schuimecho (HyFoSy) betekent het zichtbaar maken van de baarmoeder en de eileiders door middel van een inwendige (vaginale) echo. Deze echo wordt gemaakt nadat er een kleine hoeveelheid (ongeveer 5-10 ml) schuim in de baarmoederholte is ingebracht via de baarmoedermond en –hals. Dit onderzoek zal antwoord geven op de vraag of de baarmoederfoto kan worden vervangen door een schuimecho.

Als u besluit deel te nemen aan dit onderzoek zal er bij u zowel een schuimecho als ook een baarmoederfoto verricht worden om de doorgankelijkheid van de eileiders te onderzoeken. Door middel van loting zal worden bepaald of u eerst de schuimecho gevolgd door een baarmoederfoto krijgt of andersom. Het kan zijn dat het resultaat van de schuimecho (HyFoSy) niet hetzelfde is als het resultaat van de baarmoederfoto (HSG). Dan wordt er opnieuw geloot voor de verdere behandeling. Dit kan zijn een kijkoperatie, zoals standaard bij een afwijking op de baarmoederfoto, of geen kijkoperatie.

Meer informatie
U vindt meer informatie over de FOAM studie op hun website.

Diagnostiek: oorzaken van slecht zaad?

Het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde doet al bijna 10 jaar onderzoek naar de genetische oorzaken van verminderde of falende zaadaanmaak.

Wie kan meedoen?

Voor dit onderzoek vragen we alle mannen op onze polikliniek of zij bloed willen afstaan ten behoeve van DNA-onderzoek. De mannen met een normale spermakwaliteit dienen hierbij als controlegroep voor de mannen met een afwijkende zaadaanmaak. In de loop van de jaren hebben we zodoende een aanzienlijk aantal bloedmonsters verzameld en veelbelovend onderzoek naar ‘Y-deleties’ kunnen verrichten.

Meer informatie
Als u mee wilt werken aan dit onderzoek, kunt u hieronder de patienteninformatie downloaden.

Download:
Erfelijke oorzaken van vruchtbaarheidsproblemen bij de man (75 kB)

Diagnostiek: tussenschot in de baarmoeder verwijderen?

TRUST-studie - het is onduidelijk of het verwijderen van een tussenschot in de baarmoeder de kans op een zwangerschap vergroot. Op dit moment wordt deze ingreep niet standaard verricht, omdat er onvoldoende bewijs is dat het effectief is en er onvoldoende bekend is over de risico’s voor een volgende zwangerschap. Er zijn vrouwen die met een tussenschot in de baarmoeder zwanger worden en bevallen, zonder behandeld te zijn. In het belang van patiënten zal onderzocht worden of opereren zinvol is of overbodig is en alleen risico’s met zich meebrengt.

Het onderzoek heeft als doel na te gaan of operatief verwijderen van het tussenschot in de baarmoeder zinvol is. Alleen door bij een groep vrouwen door loting te bepalen wie geopereerd wordt, kan na geruime tijd vastgesteld worden of in de geopereerde groep meer kinderen geboren worden. Het lot bepaalt of u wel of niet geopereerd wordt.

Indien u besluit mee te doen zal er allereerst vastgesteld worden of u daadwerkelijk een tussenschot in de baarmoeder heeft. Er zal een röntgenfoto (HSG) van de baarmoeder gemaakt worden en er zal met een camera in de baarmoederholte gekeken worden (hysteroscopie) om deze te beoordelen.

Als blijkt dat u een tussenschot in de baarmoeder heeft, zal loting bepalen of u al dan niet operatieve verwijdering van dit tussenschot zult ondergaan. Dit gebeurt onder algehele narcose.

Meer informatie
U vindt meer informatie over de Trust-studie op hun website.

Behandeling: minder stress door gedeelde besluitvorming?

Wij doen onderzoek in welke mate patiënten samen met hun arts een beslissing voor een behandeling nemen. Dit heet 'gedeelde besluitvorming' of 'shared-decision-making'. Vervolgens meten we of gedeelde besluitvorming tot minder stress leidt.

Iedereen die een afspraak in het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde heeft om zijn (eerste of volgende) behandeling te bespreken komt in aanmerking voor deze studie. Indien u deelneemt zal het consult opgenomen worden (enkel geluid) en zullen we u en uw partner vragen om aansluitend aan het consult een papieren vragenlijst in te vullen (20 min). Voor meer informatie kunt u terecht bij Marije Aker, verpleegkundige van het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde.

PCOS: voorkeur voor een behandeling?

Wij doen onderzoek naar de voorkeur van patiënten met PCOS met betrekking tot verschillende vruchtbaarheidsbehandelingen. Wij willen graag weten hoe vrouwen over verschillende behandelingen denken, omdat de voorkeur van een vrouw erg belangrijk is bij het kiezen en het ondergaan van een behandeling. De vragenlijst is bedoeld voor vrouwen die gaan starten of net gestart zijn met Clomid (clomifeen).

Door meer inzicht te krijgen in de factoren die voor u van belang zijn hopen wij nu en in de toekomst betere patiëntenzorg te kunnen leveren.

Het invullen duurt ongeveer 10 tot 15 minuten. Meer informatie kunt u vragen aan Marije Aker, verpleegkundige van het Centrum Voor Voortplantingsgeneeskunde.


IUI: voorkeur voor een behandeling?

Wij doen onderzoek naar de voorkeur van patiënten met betrekking tot verschillende vruchtbaarheidsbehandelingen. Wij willen graag weten hoe vrouwen over verschillende behandelingen denken, omdat de voorkeur van een vrouw erg belangrijk is bij het kiezen en het ondergaan van een behandeling. De vragenlijst is bedoeld voor vrouwen die gaan starten of net gestart  zijn met Intra Uteriene Inseminatie (IUI).

Door meer inzicht te krijgen in de factoren die voor u van belang zijn hopen wij nu en in de toekomst betere patiëntenzorg te kunnen leveren.

Het is een digitale vragenlijst en het invullen duurt ongeveer 10 tot 15 minuten. Meer informatie kunt u vragen aan Marije Aker, verpleegkundige van het Centrum Voor Voortplantingsgeneeskunde.

IUI: meteen met IUI beginnen of nog even afwachten?

EX-IUI studie. U heeft van uw arts te horen gekregen dat er geen oorzaak is gevonden voor het feit dat u tot op heden niet spontaan zwanger bent geworden. Uw menstruele cyclus is regelmatig, één of beide eileiders zijn doorgankelijk en er zijn geen of milde afwijkingen gevonden bij de sperma-analyse.  U kunt in principe in aanmerking komen voor behandeling met IUI met milde hormoonstimulatie. Omdat het onbekend is of deze behandeling zinvol is, heeft de arts u gevraagd mee te doen aan dit onderzoek. Het doel van het onderzoek is om te achterhalen of een afwachtend beleid gedurende 6 maanden niet leidt tot een lagere kans op een levend geboren kind in vergelijking met IUI met milde hormoonstimulatie gedurende dezelfde periode. Meer informatie via de researchmedewerkers van het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde en op de website van de studie.

Eicelvitrificatie: hoe is het erna met u en uw eventuele kinderwens gegaan?

Als u ooit gestart bent met een behandeling om eicellen bij ons in te vriezen, willen wij graag weten hoe het met u gaat. Dit doen we met een vragenlijst onderzoek in het kader van evaluatie van zorg. Zo stellen we vragen over de eventuele medische behandeling die u aansluitend hebt ondergaan. Daarnaast hoe uw menstruatiecyclus momenteel is en of u wellicht een zwangerschapswens hebt en het verloop van eventuele zwangerschappen.

Ook als er geen eicellen ooit zijn ingevroren, of de eicellen zijn al gebruikt, verzoeken wij u deze vragenlijst in te vullen. Uw feedback is waardevol voor ons. Door meer inzicht te krijgen hopen wij in de toekomst betere voorlichting te kunnen geven. Het invullen van de vragenlijst neemt ongeveer 10 minuten in beslag en de gegevens die u ons verstrekt worden strikt vertrouwelijk behandeld.

Mocht u vragen hebben over de vragenlijst dan kunt u deze schriftelijk stellen via cvv@amc.nl.

Eicelvitrificatie of eierstokweefsel invriezen: wat is voor u belangrijk?

Met dit onderzoek willen wij nagaan wat de voorkeuren zijn van vrouwen die een risico lopen op leeftijdsgebonden afname van de vruchtbaarheid. Vrouwen tussen de 30 en 40 jaar zouden een behandeling voor vruchtbaarheid behoud kunnen ondergaan om de kans op zwangerschap op latere leeftijd te vergroten.  Er zijn 2 potentiële behandelingen beschikbaar voor vrouwen om de toekomstige kans op (biologisch) eigen kinderen te vergroten: namelijk het invriezen van eicellen en het invriezen van eierstokweefsel. Omdat deze behandelingen van elkaar verschillen willen wij graag weten welke aspecten van deze behandeling voor vrouwen belangrijk zijn. Het is niet nodig om al interesse te hebben in een behandeling voor vruchtbaarheid behoud. Vooraf krijgt u informatie over de twee behandelingen voor vruchtbaarheid behoud, tijdens het interview zullen wij vragen stellen over uw  (toekomstige) kinderwens en de aspecten van beide behandelingen. Het interview kan in het AMC plaatsvinden of bij u thuis en duurt ongeveer één uur.

Mocht u vragen hebben of mee willen doen mail dan naar cvv@amc.nl.

IVF: IVF bij vrouwen vanaf 38 jaar

IVF38+ studie – Het is bekend dat IVF zinvol is als het wordt toegepast bij vrouwen met dichte eileiders. Maar het is nog nooit onderzocht of IVF zinvol is voor paren bij wie de oorzaak voor de verminderde vruchtbaarheid de oudere leeftijd van de vrouw is. Ook na een IVF behandeling is de kans op een zwangerschap bij oudere vrouwen laag.

Uit ervaring en eerdere onderzoeken weten wij dat de kans op een spontane zwangerschap bij vrouwen boven de 38 ongeveer 30% per jaar is. De kans op een levend geborene per cyclus is niet bekend. Wat betreft IVF is de kans op zwangerschap na 1 jaar behandelen ook ongeveer 30%Per IVF cyclus is de kans op een levend geborene 7-11%.

Het doel van dit onderzoek is om te weten te komen of de zwangerschapskans met IVF hoger, lager of gelijk is aan de kans op een spontane zwangerschap. Omdat IVF in de huidige praktijk in principe wel wordt aangeboden aan paren in uw omstandigheden, maar een belastende behandeling is, willen wij goed onderzoeken of IVF wel een goede behandeloptie is.

Indien u meewerkt aan de studie wordt met behulp van een lotingsprogramma op de computer bepaald of u meteen gaat beginnen met IVF, gedurende 8 maanden met een maximum van 3 eicelpuncties, of dat u nog 8 maanden op de natuurlijke manier probeert zwanger te worden en om daarna zo nodig aan IVF te beginnen.

IVF: persoonlijke coaching voor gezonde voeding en leefstijl

Slimmer zwanger studie - ongezonde voeding en leefstijlgewoonten van vrouwen en mannen met een zwangerschapswens dragen bij aan een kleinere kans op zwangerschap en grotere kans op problemen bij moeder en kind in de zwangerschap, rondom bevalling en latere gezondheid. Het doel van het Slimmer zwanger onderzoek is om vrouwen met een zwangerschapswens te begeleiden om gezonder te leven via een interactief voedings- en leefstijlprogramma op de mobiele telefoon. Er zijn twee programma’s: het complete slimmerzwanger (SZ)-programma of een deelprogramma. Als u deelneemt wordt door de computer bepaald welk programma u volgt. Het programma loopt gedurende 26 weken.

IVF: resteicellen, restzaadcellen en restembryo's

Reststudie - het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde (CVV) van het AMC verricht al jaren wetenschappelijk onderzoek naar onvruchtbaarheid met als doel de kans op zwangerschap voor patiënten met vruchtbaarheidsproblemen te verhogen. Dit onderzoek wordt mede uitgevoerd met behulp van resteicellen, restzaadcellen en restembryo's. Het wetenschappelijk onderzoek met resteicellen, restzaadcellen en restembryo's is gebundeld in drie onderzoekslijnen: eicelkwaliteit, zaadcelkwaliteit en embryokwaliteit.

In de onderzoekslijn eicelkwaliteit wordt onderzocht wat kwalitatief goede eicellen zijn en welke factoren hierop van invloed zijn. Zo wordt er bijvoorbeeld gekeken naar het effect van toenemende leeftijd op de eiwitten en de genetische samenstelling van eicellen. In de onderzoekslijn zaadcelkwaliteit wordt gekeken naar de verschillen tussen goed en slecht zaad. Het doel is om de oorzaak van mannelijke onvruchtbaarheid te achterhalen. Het doel van de onderzoekslijn embryokwaliteit is om te bepalen wat een kwalitatief goed embryo is zodat de beste embryo’s geselecteerd kunnen worden voor terugplaatsing. Er wordt o.a. gekeken naar de genetische samenstelling van cellen in restembryo’s en naar welke factoren deze samenstelling positief of negatief beïnvloeden. Meer informatie vindt u hier.

De patiënten die gevraagd zijn voor deelname kunnen hier de uitgebreide brochure 'Onderzoek resteicellen, restzaadcellen en restembryo's' downloaden.

IVF: hoe stimuleren bij borstkanker?

STIM-TRIAL - Vrouwen met borstkanker kunnen door de toekomstige kankerbehandeling onvruchtbaar worden. Het invriezen van eicellen of embryo’s vergroot de kans op het krijgen van kinderen in de toekomst. Voordat de eicellen of embryo’s ingevroren kunnen worden, moeten uw eiblaasjes (follikels) met hormonen gestimuleerd worden zodat de eicellen rijp worden. Net zoals bij een IVF-behandeling, wordt u behandeld met hormooninjecties gedurende een aantal weken. Uw eiblaasjes zullen gedurende deze behandeling extra vrouwelijk hormoon (oestrogenen) produceren, waardoor het oestrogeen gehalte in uw bloed zal stijgen.

Het is niet bekend wat de invloed hiervan is op uw borsttumor. Sommige artsen geven voor de zekerheid een extra middel tijdens de hormoonstimulatie (tamoxifen of letrozol). Het idee is dat hiermee de tumor tijdens de hormoonstimulatie niets ‘merkt’ van het hoge oestogeen gehalte in uw bloed. Daarom worden tamoxifen en letrozol in zeer hoge doseringen gegeven. Andere artsen behandelen u zonder extra middelen, omdat zij vinden dat je niet onnodig extra middelen moet geven als er geen bewijs is dat het nodig is. En, stel dat de borsttumor zou groeien onder invloed van de oestrogenen, kan de chemotherapie wellicht zelfs beter aanslaan.

Kortom, er zijn veel verschillende ideeën over hoe u behandeld zou moeten worden. De enige manier om in de toekomst vrouwen als u veilig en effectief te behandelen met IVF, is om een goede studie te verrichten waarbij alle bestaande behandelingen met elkaar worden vergeleken.

Meer informatie vindt u hier

IVF: niet zwanger na eerste IVF, scratch zinvol?

SCRATCH studie. Uit onderzoek is naar voren gekomen dat het aanbrengen van een oppervlakkige wond in het baarmoederslijmvlies (endometrium scratching) vlak voor de IVF/ICSI behandeling een gunstig effect kan hebben op de mate waarin het baarmoederslijmvlies zich voorbereidt op de innesteling van een embryo. Omdat de bestaande onderzoeken nog niet overtuigend zijn, wordt dit in een grote studie uitgezocht bij patiënten bij wie het niet gelukt is zwanger te worden van de 1e volledige IVF/ICSI behandeling. Meer informatie via de researchmedewerkers van het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde en op de website van de studie.

Vruchtbaarheidsbehandelingen: wat is voor u belangrijk?

Dit vragenlijstonderzoek gaat over nieuwe vruchtbaarheidsbehandelingen die misschien in de (verre) toekomst mogelijk zijn. Op dit moment zijn deze behandelingen nog niet mogelijk. We willen graag weten hoe patiënten over nieuwe vruchtbaarheidsbehandelingen denken. Zo willen we graag begrijpen wat volgens u de belangrijkste voor- en nadelen van vruchtbaarheidsbehandelingen zijn, en hoe u deze tegen elkaar afweegt. Verder willen we graag weten wie, volgens u, moet (mee)beslissen over of een nieuwe behandeling in Nederland toegepast mag worden. Een deel van onze patiënten wordt hiervoor per post uitgenodigd.

Herhaalde miskraam: tussenschot in baarmoeder verwijderen?

TRUST-studie - het is onduidelijk of het verwijderen van een tussenschot in de baarmoeder de kans op een miskraam verkleint. Op dit moment wordt deze ingreep niet standaard verricht, omdat er onvoldoende bewijs is dat het effectief is en er onvoldoende bekend is over de risico’s voor een volgende zwangerschap. Er zijn vrouwen die met een tussenschot in de baarmoeder zwanger worden en bevallen, zonder behandeld te zijn. In het belang van patiënten zal onderzocht worden of opereren zinvol is of overbodig is en alleen risico’s met zich meebrengt.

Het onderzoek heeft als doel na te gaan of operatief verwijderen van het tussenschot in de baarmoeder zinvol is. Alleen door bij een groep vrouwen door loting te bepalen wie geopereerd wordt, kan na geruime tijd vastgesteld worden of in de geopereerde groep meer kinderen geboren worden. Het lot bepaalt of u wel of niet geopereerd wordt.

Indien u besluit mee te doen zal er allereerst vastgesteld worden of u daadwerkelijk een tussenschot in de baarmoeder heeft. Er zal een röntgenfoto (HSG) van de baarmoeder gemaakt worden en er zal met een camera in de baarmoederholte gekeken worden (hysteroscopie) om deze te beoordelen.

Als blijkt dat u een tussenschot in de baarmoeder heeft, zal loting bepalen of u al dan niet operatieve verwijdering van dit tussenschot zult ondergaan. Dit gebeurt onder algehele narcose.

Meer informatie
Kijk voor meer informatie over de Trust-studie op de webpagina.

Herhaalde miskraam: antistolling met heparine?

ALIFE2 studie – Vrouwen met erfelijke trombofilie (verhoogde stollingsneiging) hebben iets vaker (herhaalde) miskraam dan vrouwen zonder trombofilie. Voorbeelden van erfelijke trombofilie zijn de Factor V Leiden mutatie en de Protrombine mutatie, of een tekort aan natuurlijke antistollende eiwitten Antitrombine, Proteïne C of Proteïne S. Of iemand erfelijke trombofilie heeft kan worden vastgesteld door bloedonderzoek.

Antistolling en herhaalde miskraam
In de voorgaande ALIFE studie is onderzocht of vrouwen met onverklaard herhaalde miskraam een grotere kans hadden op een levendgeboren kind wanneer zij in de zwangerschap antistollende medicijnen gebruiken. Uit de resultaten van het onderzoek bleek dat deze medicijnen de kans op een levendgeboren kind niet vergroten. Het is nog onbekend of vrouwen met herhaalde miskraam en erfelijke trombofilie wel baat hebben bij antistolling met heparine in de zwangerschap. Dit wordt onderzocht in de ALIFE2 studie.

Meer informatie
Meer informatie over de studie vindt u op de speciale website. Heeft u herhaalde miskramen en een erfelijke trombofilie en wilt u informatie over deelname, neem dan per mail contact op (ALIFE2@studies-obsgyn.nl).


Herhaalde miskraam: schildklierhormoon toedienen?

T4-LIFE studie – Er bestaat een associatie tussen herhaalde miskraam (twee of meer miskramen) en schildklier auto-immuniteit. Bij schildklier auto-immuniteit heeft een vrouw een normale schildklierfunctie, dus een normaal TSH maar zijn er wel antistoffen tegen de schildklier aanwezig, namelijk TPO (thyroperoxidase) antistoffen. Bij schildklier auto-immuniteit is er ook een verhoogd risico op zwangerschapscomplicaties zoals vroeggeboorte en postpartum thyroiditis. Vooralsnog is onbekend of er een behandeling bestaat voor deze vrouwen die de kans op miskraam of andere zwangerschapscomplicaties doet afnemen.

Schildklierhormoon en herhaalde miskramen
Deze studie kijkt of het toedienen van schildklierhormoon (levothyroxine) een effectieve behandeling is. Dit gebeurt door een groep vrouwen met herhaalde miskraam en schildklier auto-immuniteit te behandelen met schildklierhormoon en deze te vergelijken met een controlegroep waar vrouwen met herhaalde miskraam en schildklier auto-immuniteit behandeld worden met placebotabletten. In Nederland zullen meerdere klinieken meedoen met dit onderzoek.

Meer informatie
Meer informatie over de studie vindt u op de website van de T4-LIFE studie. Heeft u herhaalde miskramen en schildklier auto-immuniteit en wilt u informatie over deelname, neem dan per mail contact op (t4-life@studies-obsgyn.nl).


Zwanger en antidepressiva: afbouwen of doorgaan?

Stop or go-studie - Ben je zwanger en slik je antidepressiva vanwege depressieve klachten of angst? Dan kan het gebruik van antidepressiva tijdens je zwangerschap veel vragen oproepen. Is het wel goed voor jou en je kindje? Zijn er ook andere mogelijkheden? Het klinkt misschien raar, maar daar weten we het antwoord niet goed op. Dit is nog nooit onderzocht.

De ‘Stop or Go‘ studie wil deze vraag beantwoorden en onderzoeken wat de meest veilige behandeling is tijdens de zwangerschap. 'Stop' staat voor het begeleid afbouwen van antidepressiva. Bij het afbouwen wordt een terugvalpreventie training gegeven die zich richt op het voorkómen van depressieve terugval. Deze training wordt door ons vergoed. 'Go' staat voor het doorslikken van antidepressiva.

Ben je 16 weken of minder zwanger en gebruik je antidepressiva? Neem contact op met onze verloskundige Jannet Bakker (j.j.bakker@amc.nl) of stuur een e-mail naar stoporgo@erasmusmc.nl en vermeld daarin je naam, telefoonnummer en hoeveel weken je zwanger bent. Je krijgt dan zo snel mogelijk een reactie van ons.