19 jul 2017 | Verhaal

Videobellen via je patiëntendossier

Hoewel Skype al een kleine eeuwigheid bestaat, is het eerste videoconsult in het AMC nog maar net een feit. Want als je het doet, moet het goed en veilig, verklaren promovenda Esther Barsom en chirurg Marlies Schijven. Dat kan via je eigen digitale patiëntendossier.

Sinds een jaar of twee kunnen AMC-patiënten via MijnDossier zelf informatie uit hun medisch dossier bekijken en contact leggen met hun behandelaars. Daar komt een extra mogelijkheid bij: bellen met beeldverbinding. Een soort Skype, maar dan in de beveiligde internetomgeving van het AMC. Voorlopig is deze mogelijkheid slechts beperkt beschikbaar, vertelt promovenda Esther Barsom. “Alleen voor patiënten van het Gastro-Intestinaal Oncologisch Centrum (GIOCA) en binnenkort ook voor de afdeling Psychiatrie. Ik ga onderzoeken hoe het gaat en wat patiënten en artsen ervan vinden.”

Primeur

Een 75-jarige patiënt van de GIOCA-poli had de primeur. Chirurg Anthony van de Ven belde hem via MijnDossier. “De patiënt zei dat hij het prettig vond een gezicht bij de stem te zien”, zegt Barsom. “Hij gaf aan dat hij het videobellen niet moeilijk had gevonden. ‘Het was allemaal duidelijk, ik heb mijn zoon er niet bij hoeven halen’, vertelde hij.”

“De wens om te kunnen videobellen bestond al langere tijd”, zegt chirurg professor Marlies Schijven, initiator van het project. “We hebben hier immers patiënten uit het hele land en die kun je hiermee soms een reis naar het ziekenhuis besparen. Maar de tijd was er nog niet rijp voor. We moesten wachten op de invoering van het elektronisch patiëntendossier en het patiëntenportaal MijnDossier, zodat het meteen goed ingebed kon worden.” Dat is nodig voor de (privacy)veiligheid. Ook biedt het voordelen, zoals het bij de hand hebben van uitslagen en het kunnen aanbieden van vragenlijsten direct in het eigen dossier. Een commerciële dienst zoals Skype heeft dat niet.

Gezicht bij de stem

Het AMC ondersteunde de ontwikkeling van het videobellen met een innovatie-subsidie. Barsom, die gaat promoveren op het nut van videoapplicaties binnen de gezondheidszorg, dacht mee over het hoe-wat-wanneer van het videoconsult en maakte de handleidingen voor patiënt en arts. De komende maanden gaat ze de meerwaarde van deze consultvorm onderzoeken. De arts en de patiënt die het spits afbeten, waren alvast enthousiast.

Voor artsen biedt zo’n videoconsult voordelen ten opzichte van telefonisch contact, legt Schijven uit. “Omdat non-verbale communicatie nu ook mogelijk is, kun je emoties aflezen. En visuele informatie delen: je kunt bijvoorbeeld iets met een tekening uitleggen en laten zien.” Met drie klikken kan de arts het videoconsult via de eigen agenda starten. Vooralsnog is er een speciale plek voor ingericht op de polikliniek chirurgie, met een computer die is uitgerust met een camera. Schijven: “In de nabije toekomst gaan we ook tablets inzetten, zodat de zorgverlener mobiel blijft en niet afhankelijk is van een fysieke werkplek.” Patiënten kunnen overigens zelf kiezen welk apparaat ze gebruiken: smartphone, tablet of pc.

Rust en vertrouwen

Vooraf is onderzocht in welke fasen van de behandeling deze vorm van consulteren bij GIOCA-patiënten kan worden ingezet. “Niet in de eerste fase, als er nog lichamelijk onderzoek wordt gedaan. En natuurlijk ook niet als je de patiënt slecht nieuws moet vertellen”, licht Barsom toe. Wel een mooi moment voor videocontact is bijvoorbeeld als je een al langer bestaande wond wilt bekijken bij een patiënt die ver weg woont. Ook leent het zich goed om een nieuwe patiënt voor te bereiden op het fast-track traject dat de poli hanteert. Dat traject houdt in dat de patiënt diverse onderzoeken op één dag krijgt, waarna het behandelteam overlegt welke behandeling ze gaan inzetten. Barsom: “Dan kun je nog eens rustig met de patiënt doornemen wat er die dag gaat gebeuren en bijvoorbeeld ook alvast een foto van de behandelaars laten zien. Het geeft immers rust en vertrouwen als je goed weet wat je te wachten staat en wie je gaat zien.”