18 jan 2018 | Verhaal

Wat beweegt de patiënt?

Iedereen is het erover eens: bewegen tijdens ziekenhuisopname vergroot de zelfredzaamheid en het herstel, zodat patiënten sneller naar huis kunnen. En toch liggen zij bijna de hele dag stil in bed. Door het project ‘Beter Bewegen’ moet dat veranderen.

Patiënten krijgen allerlei gezondheidsklachten door een gebrek aan beweging. Verminderde spierkracht, longontsteking, wonden door lang liggen, om een paar nare gevolgen te noemen. Maar het kan ook leiden tot apathisch gedrag en verminderde cognitieve vaardigheden. “Terwijl het niet nodig is”, zegt Marike van der Schaaf, senior onderzoeker van de afdeling Revalidatie. Zij diende een projectvoorstel in. “Vanuit Revalidatie hebben we sterk het gevoel dat patiënten meer kunnen bewegen dan nu gebeurt. En wie we ook in huis spreken, iedereen is het met ons eens.”

Inzicht in barrières
De vraag is dus: wat houdt de patiënt tegen? “Dat is precies wat we met dit project willen achterhalen”, zegt Boukje Giele, fysiotherapeut op dezelfde afdeling. “Misschien houdt angst hen tegen of zijn ze niet op de hoogte van de mogelijkheden. Wellicht denken ze de dokter of een maaltijd te missen. En hebben de verpleegkundigen de juiste middelen om de patiënt te ondersteunen bij het mobiliseren? Wij willen inzicht krijgen in al die barrières van zowel patiënten als zorgverleners. Dat doen we gedegen met representatieve interviews, bijvoorbeeld. En met een analyse met een apparaat waarmee we de beweging van patiënten tijdens het project evalueren.”

Familieparticipatie

Het proefproject begint in januari op de afdeling Chirurgie. Fysiotherapeut Sven Geelen werkt twee dagen per week op deze afdeling. “Bij Chirurgie kunnen we aanhaken op een proefproject rond het thema bewegen. De afdeling heeft al veel ideeën ontwikkeld om een klimaat te creëren waarin patiënten tot beweging worden uitgedaagd. De invoering loopt vaak spaak omdat medewerkers het in twee, drie uurtjes na het werk moeten doen. Dat lukt niet. Om het voor elkaar te krijgen, voegen wij capaciteit toe. We sluiten aan op initiatieven van de afdeling en op AMC-brede thema’s, zoals familieparticipatie en shared decision making.”

Fysiotherapeut Sven Geelen demonstreert een hometrainer op de kamer van een patiënt. Fysiotherapeut Sven Geelen demonstreert een hometrainer op de kamer van een patiënt.

Beter Bewegen richt zich, naast de patiënt en de zorgverleners rond het bed, ook op de fysieke omgeving. Die daagt de patiënt niet echt uit om in beweging te komen. Giele: “Het bed is het centrale punt waar alles omheen georganiseerd is. De dokter komt naar de patiënt toe, de maaltijd wordt op bed geserveerd en de alarmknop is altijd binnen handbereik. En patiënten die de kamer mogen verlaten, lopen dan vaak maar een rondje over de afdeling. Daar valt nog veel winst te behalen. Denk aan een hometrainer waarop je ‘routes’ kunt rijden. Of uitdagende routes op de afdeling of door het ziekenhuis, waardoor een wandeling net wat plezieriger wordt.”

Mooie voorbeelden genoeg
Het wiel uitvinden is niet nodig, want mooie voorbeelden genoeg, uit eigen huis én uit het netwerk van ‘beweegziekenhuizen’ waarbij het AMC is aangesloten. Zo plant de afdeling Geriatrie van het UMC Utrecht artsbezoeken zó dat bepaalde patiënten meer tijd hebben om te bewegen. Ziekenhuis Gelderse Vallei doet goede ervaringen op met het betrekken van mantelzorgers. Een magneetbord op de afdeling geeft aan welke beweging de patiënt, al dan niet zelfstandig, aan kan. Daar zijn bewegingsgegevens van de patiënt gekoppeld aan het zorgdossier, zodat bewegen een standaardonderdeel van de zorg wordt. En in het Radboud UMC wandelen patiënten die dat kunnen naar een huiskamer voor een gezamenlijke lunch. Sven Geelen: “Een Nijmeegse collega vertelde dat hij soms liever daar luncht in plaats van met collega’s, omdat het zo gezellig is.”

Na Chirurgie sluit Neurologie aan, gevolgd door Interne. “Twee totaal andere afdelingen, met andere uitdagingen”, constateert Geelen. “We willen toe naar beweging op maat. Sommige patiënten kunnen een wandeling in het ziekenhuis maken of een stuk fietsen op de hometrainer. Voor anderen zijn oefeningen in en rond het bed het maximaal haalbare. Kijk je naar patiënten op de afdeling Neurologie, dan ligt de nadruk op het weer oppakken van dagelijkse dingen, zoals zelfstandig uit bed komen of douchen.”

Uiteindelijk komt heel het AMC aan de beurt. Waarbij Marike van der Schaaf meteen opmerkt dat er al veel goede dingen gebeuren. “De IC bijvoorbeeld, de afdeling met nota bene de ziekste patiënten, is al actief met het stimuleren van beweging. Die hebben echt geen ondersteuning van ons nodig. Maar op het moment dat een IC-patiënt naar een gewone afdeling verhuist, zie je vaak dat die vaak onnodig lang in bed blijft liggen. Dat geldt ook voor patiënten die wandelend binnenkomen voor een kleine operatie. Die hebben dan vaak het gevoel dat ze er verstandig aan doen zoveel mogelijk uit te rusten.”

Verwachtingen kweken
Meer bewegen is dus óók een kwestie van de juiste verwachtingen kweken, vindt Boukje Giele. “Dat begint al voor de opname. Een voorbeeld: in het Radboud gebruiken ze mooie matrashoezen om bedden mee af te dekken. Patiënten zien het dan niet meer als bed. Dat wordt overigens niet altijd gewaardeerd. ‘Ik kwam in het ziekenhuis en mijn bed was nog niet eens opgemaakt’, hoor je patiënten dan zeggen. Met goed informeren van patiënten én hun mantelzorgers, kun je al veel bereiken.”

“De wedstrijd met mezelf geeft veel voldoening”
Patiënt Kruse-Hunting vertelt: “Ik lig nu vijf weken in het ziekenhuis. Veel langer dan verwacht, omdat ik allerlei vervelende complicaties heb gehad. Alles wat fout kón gaan, gíng fout. Toch beweeg ik zoveel mogelijk, omdat het van mij moet. Ik doe vooral oefeningen op de stoel, elke dag een beetje meer. Het is een wedstrijd met mezelf en die geeft me veel voldoening. En ik merk dat mijn conditie langzaam beter wordt. Thuis heb ik ook al veel op de hometrainer gezeten om conditie op te bouwen voor de operatie. Mijn man is een steun voor me. Elke keer als hij komt, zegt hij: ‘Kom, eruit!’ Hij zit er echt bovenop.”

“Patiënten vinden bewegen fijn“
AMC-chirurg Els Nieveen van Dijkum leerde het vak toen het credo van de arts was: ‘Blijf maar in bed, dan geneest u snel.’ “Dat is totaal veranderd”, zegt ze. “In de meeste richtlijnen staat dat patiënten vanaf dag één na een operatie beginnen met bewegen. We zijn tegenwoordig ook minder bang dat er door beweging bijvoorbeeld hechtnaadjes kapot gaan, waardoor het herstel wordt vertraagd. Er is juist veel medisch bewijs dat je sneller geneest als je voldoende beweegt. Patiënten vinden het trouwens ook fijn: de meesten tellen echt af tot het moment dat ze weer met de fysiotherapeut aan de slag kunnen. De volgende stap is wat mij betreft dat we de patiënt al op de polikliniek meenemen richting meer bewegen. Goed informeren is belangrijk, maar er zijn ook steeds meer artsen die de patiënt bijvoorbeeld een stappenteller meegeven. Voor de patiënt moet zijn verblijf hier het begin zijn van een leven lang bewegen. Daar moeten we naartoe.”

Auteur: Jeroen van den Nieuwenhuizen
Foto: Martijn Gijsbertsen