Let op!

Deze informatie gaat over locatie AMC.
Moet u zijn op locatie VUmc? Ga naar: afdeling medische oncologie, locatie VUmc/de Boelelaan

Behandeling galweg- en galblaaskanker

U heeft te horen gekregen dat u – een vermoeden van – galblaas- of galwegkanker heeft. Hieronder leest u meer informatie over de behandeling van galweg- en galblaaskanker.

Doel van behandeling van galblaaskanker en galwegkanker

De behandeling van galblaaskanker of galwegkanker kan verschillende doelen hebben: allereerst zal geprobeerd worden de ziekte te genezen maar als dat helaas niet haalbaar is, zal de behandeling gericht zijn op vermindering van klachten. Als een behandeling het doel heeft om te genezen, wordt dat een curatieve behandeling genoemd. Een behandeling gericht op curatie geeft echter geen garantie op genezing. Daarom worden naast de belangrijkste behandeling, een operatie, ook nog aanvullende behandelingen gegeven. Dit noemen we adjuvante behandelingen. Als bijvoorbeeld een tumor wordt weggehaald door middel van een operatie, dan kan het zijn dat u daarna nog chemotherapie krijgt. Deze aanvullende behandeling heeft het doel om eventuele niet-waarneembare uitzaaiingen te bestrijden. Ook kan het soms zinvol zijn om adjuvante behandelingen juist voor de operatie te geven. Dit wordt dan een neo-adjuvante behandeling genoemd. Wanneer nodig zal de specialist dit met u bespreken.

Als galwegkanker of galblaaskanker niet meer te genezen is, kan een palliatieve behandeling worden gestart. Deze soort behandeling richt zich op het afremmen van de groei van de tumor door middel van chemotherapie maar kan ook alleen bedoeld zijn om bepaalde klachten te verminderen of te voorkomen.

Behandelopties voor galwegkanker en galblaaskanker

Bij het opstellen van een behandelplan voor galwegkanker of galblaaskanker zijn verschillende factoren belangrijk: het stadium van de aandoening, de plaats, grootte en vorm van de tumor en uw lichamelijke conditie. Afhankelijk van deze factoren zijn er verschillende behandelopties:

  • Plaatsen van een stent, wanneer er een reden (indicatie) voor is.
  • operatie
  • chemotherapie
  • radiotherapie

Stentplaatsing

Het gebeurt vaak dat de tumor de galwegen dicht drukt. Een blokkade van de galafvoer kan worden opgeheven door een metalen of kunststof buisje (stent) te plaatsen in de galweg. Dit gebeurt tijdens een endoscopie, een ERCP. In het geval van galblaaskanker of galwegkanker wordt de stent in de galwegen geplaatst. Hierdoor houdt het buisje de galwegen open en kan de gal weer naar de dunne darm stromen. Voor het plaatsen van een stent hoeft u niet opgenomen te worden in het ziekenhuis. De stent kan verstopt raken waardoor de geelzucht terugkomt en/of hoge koorts optreedt. In dat geval moet de stent worden vervangen door middel van een endoscopie.

Ook kan het voorkomen dat het niet meer mogelijk is om een stent te plaatsen. In dit geval zal een Percutane Transhepatische Cholangiografie Drainage (PTCD) worden aangelegd. Dit wordt ook wel een galwegdrainage genoemd. Tijdens deze procedure wordt er via de huid en met behulp van een echografie een slangetje aangelegd in de galwegen. Door middel van dit slangetje kan gal alsnog worden afgevoerd. De gal wordt dan opgevangen in een zakje dat aan uw lichaam wordt bevestigd. Dit gebeurt op de afdeling radiologie door een interventieradioloog.

Voor deze behandeling krijgt u een verdoving en een roesje. De PTCD behandeling duurt vervolgens 30-60 minuten. Hier vindt u meer informatie over PTCD

(A) stent in de grote galbuis (B) alvleesklier (C) tumor (D) twaalfvingerige darm © 2013 KWF Kankerbestrijding
(A) stent in de grote galbuis (B) alvleesklier (C) tumor (D) twaalfvingerige darm © 2013 KWF Kankerbestrijding

Operatie

Het doel van een operatie bij galwegkanker of galblaaskanker is om de tumor met aangrenzend weefsel zo goed mogelijk te verwijderen. Dit is alleen mogelijk als de tumor plaatselijk niet al te uitgebreid is en als er geen uitzaaiingen naar andere organen zijn.

Als de tumor in het onderste deel (distaal) van de galweg zit zal tijdens de operatie de kop van de alvleesklier, de galblaas, de twaalfvingerige darm en een deel van de galwegen verwijderd worden. Deze operatie heet een Whipple operatie, of ook wel Pylorus Preserving Pancreatico Duodenectomie (PPPD). Ook worden lymfeklieren rondom de galwegen verwijderd. Vervolgens worden alle organen weer met de darm verbonden zodat de verteringsappen weer bij het voedsel kunnen komen. Deze operatie is ingrijpend en duurt gemiddeld 4 uur. Het is daarom belangrijk dat uw conditie goed is. Na de operatie verblijft u gemiddeld 7 dagen in het ziekenhuis. De duur hiervan hangt er voornamelijk van af of u complicaties van de operatie ondervindt.

Wat wordt er weggehaald?

  1. 12-vingerige darm (duodenum) met kop alvleesklier
  2. Galblaas
  3. Maag wordt gespaard

Als de tumor zich meer richting de lever bevindt zal de galweg worden verwijderd samen met een van de leverhelften. Deze operatie is ingrijpend en duurt gemiddeld 8 uur. Het is daarom belangrijk dat uw conditie goed is en de geelzucht is verdwenen. Na de operatie verblijft u gemiddeld 14 dagen in het ziekenhuis. De duur hiervan hangt voornamelijk ervan af of u complicaties van de operatie ondervindt. De chirurg zal u over de soort operatie en de kans op complicaties informeren.

Wat wordt er weggehaald?

  1. Linker leverhelft (40%)
  2. Galblaas
  3. Galwegen

Chemotherapie

Als een operatie bij galweg- of galblaaskanker niet mogelijk is kan chemotherapie overwogen worden. Chemotherapie is een behandeling die als doel heeft kankercellen te doden. Bij galwegof galblaaskanker is de behandeling met chemotherapie vaak palliatief. Dit wil zeggen dat de behandeling zich vooral richt op het remmen van de groei van de tumor, waardoor de klachten worden verminderd.

Er zijn verschillende soorten chemotherapie. Chemotherapie kan als enkelvoudig middel, maar ook in combinatie gegeven worden. De meeste chemotherapie wordt toegediend via een infuus. De frequentie van toediening is afhankelijk van het soort chemotherapie. Chemotherapie kan naast kankercellen ook gezonde cellen aantasten. Daardoor kunnen bijwerkingen optreden. Vaak voorkomende bijwerkingen zijn haaruitval, misselijkheid, darmstoornissen, vermoeidheid en een verhoogd risico op infecties. De bijwerkingen zijn voor iedere chemotherapie verschillend en zullen ook per persoon verschillen. Uw arts zal de gevolgen van de chemotherapie uitgebreid met u bespreken.

Radiotherapie

Radiotherapie heeft een beperkte rol bij de behandeling van galblaas en galwegkanker. Uitwendige bestraling wordt in sommige gevallen uitgevoerd als de tumor gaat bloeden en er geen chirurgische behandelingsmogelijkheden zijn. Ook kan bestraling zinvol zijn ter bestrijding van de pijn bij een doorgegroeide tumor of bij pijnlijke uitzaaiingen. Een korte serie bestralingen (1 of 2 x) volstaat hier meestal voor. Ook voor bestralingen die gericht zijn op klachtenverlichting wordt er vooraf een CT-scan gemaakt om het bestralingsgebied nauwkeurig aan te tekenen en de dosis te berekenen.

Tijdens radiotherapie wordt de tumor radioactief bestraald van buitenaf. Kankercellen kunnen slechter tegen de straling dan gezonde cellen. Door de radioactieve straling raken de tumorcellen beschadigd en gaan ze kapot. Door de radiotherapie wordt de tumorgroei verminderd en is er een mogelijkheid dat de tumor kleiner wordt.

De straling wordt zo veel mogelijk gericht op de tumor. Het is echter niet te voorkomen dat ook gezonde cellen worden bestraald. Hierdoor krijgt u te maken met bijwerkingen. Over het algemeen zorgt radiotherapie vaak voor vermoeidheid. Daarnaast kan de bestraalde huid rood worden. Dit gaat gepaard met jeuk en een branderig gevoel. Bij bestraling in het gebied van de maag krijgen patiënten vaak misselijkheidklachten. Uw radiotherapeut kan hiervoor medicijnen voorschrijven. Verder kunt u last krijgen van uw darmen. Dit kan zich uiten in diarree klachten.

Radiotherapie vindt doorgaans meerdere keren per week plaats. Opname in het ziekenhuis is niet nodig.

Psychosociale hulp

Vanaf het moment dat u te horen krijgt dat u mogelijk galwegkanker of galblaaskanker heeft, krijgt u te maken met grote onzekerheden. Hiermee omgaan is niet vanzelfsprekend. De periode van onderzoeken en behandelingen zijn erg zwaar, maar ook na de behandeling moet u leren leven met uw nieuwe situatie. Dit geldt niet alleen voor u als patiënt, maar ook voor uw familie, vrienden en eventuele partner en kinderen. Er zijn organisaties die u en uw omgeving kunnen

ondersteunen bij het leren leven met kanker, zowel binnen als buiten het ziekenhuis. U kunt hiervoor bij uw arts of verpleegkundig specialist informeren

Heeft u nog vragen?

Mocht u na het lezen van deze informatie nog vragen hebben, dan kunt u die gerust stellen. U kunt contact met ons opnemen:

  • Via de e-mail: gioca@amc.nl
  • Telefonisch zijn wij op werkdagen bereikbaar van 8.30 tot 12.00 uur en van 13.30 tot 16.00 uur op telefoonnummer 020 – 566 4205.
  • Ook heeft de GIOCA-verpleegkundige een telefonisch spreekuur op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 11.00 uur op telefoonnummer 020 – 566 3634.

Wilt u meer informatie?

Hier vindt u meer informatie over galweg- en galblaaskanker. Bezoekt u ook onze pagina over de benodigde onderzoeken die worden uitgevoerd voor de diagnose van galblaas- en galwegkanker. Alle behandelingen in het AMC zijn gebaseerd op de landelijke richtlijnen van het Integraal Kankercentrum Nederland. Deze richtlijnen kunt u hier vinden.