Toekomstproof met geneeskunde én management

De arts van de toekomst heeft ook kennis van management. Dat is de overtuiging van Belle van Dijk en Bono Meijs. Zij volgden na hun bacheloropleiding geneeskunde de master (MSc) in Management aan Nyenrode en gaan nu verder met hun coschappen.

Vanwaar de keuze om geneeskunde met Science in Management te combineren?

Bono: “Geneeskunde was destijds mijn primaire keuze. Tegelijkertijd vind ik de organisatie van de zorg interessant. Tijdens de minor Management & Leadership in Healthcare, die Amsterdam UMC, locatie VUmc samen met Nyenrode aanbiedt, werd die interesse versterkt. Daarom ben ik de master in Management erbij gaan doen.”
Belle: “Ook ik raakte tijdens de minor Management & Leadership in Healthcare steeds meer geïnteresseerd in wat er allemaal in een ziekenhuis gebeurt. Het lijkt of iedereen zich alleen met patiënten bezighoudt maar in werkelijkheid is het een groot bedrijf. Ik wil op een bredere manier dan alleen als arts naar de gezondheidszorg kunnen kijken. Op dit moment weten artsen meestal niet veel van management, terwijl managers vaak geen medische kennis hebben. Dat veroorzaakt botsingen.”

Bono Meijs en Belle van Dijk Bono Meijs en Belle van Dijk

Waarin verschilt volgens jullie de toekomstige arts van de huidige? 

Bono: “Door de huidige ontwikkelingen in de samenleving en de gezondheidszorg moet een arts vanuit meerdere perspectieven naar de zorg kijken. Deze perspectieven vereisen nieuwe vaardigheden. Het is bijna onvermijdelijk dat de arts van de toekomst ook management skills heeft, of in elk geval een basis daarvan. Artsen moeten als ondernemer te werk kunnen gaan in een toenemend resultaatgericht zorgstelsel.”
Belle
: “Daar ben ik het mee eens. Artsen zullen steeds meer te maken krijgen met organisatorische en financiële uitdagingen. Om daar goed mee om te gaan hebben ze inzicht nodig in de manier waarop ze de beschikbare middelen optimaal kunnen gebruiken voor de beste kwaliteit van zorg. Ik hoop en denk dat management een grotere plaats zal krijgen in de opleiding geneeskunde.”

Denken jullie dat ziekenhuizen ook gaan veranderen?

Bono: “Je ziet nu al dat zorginstellingen door het huidige financieringsmodel meer resultaatgericht worden. Daarmee neemt de specialistische zorg in kleinere centra, zoals de ZBC’s, toe. Ik denk dat die tendens zich voortzet. Of deze resultaatgerichte focus een structurele oplossing is, zullen we moeten zien.”
Belle
: “Ik zie wel gebeuren dat het grotere ziekenhuis een derdelijns-stap wordt. Dan heb je de huisarts in de eerste lijn, de gespecialiseerde klinieken in de tweede en de ziekenhuizen in de derde lijn.”

Gaan jullie de coschappen anders in met jullie bedrijfskundige kennis?

Belle: “Zeker weten! Ik ben bezig met het voorbereidend coschap en ben me nu al bewust van zaken waar ik voorheen niet bij stilstond. Bijvoorbeeld dat artsen bepaalde medicatie niet kunnen voorschrijven omdat deze niet vergoed wordt, en sommige operaties niet kunnen uitvoeren omdat de fysieke ruimte of de financiële middelen ontbreken.”
Bono
: “Ik ga zeker letten op de bestuurlijke en operationele processen in de diverse ziekenhuizen. Daar kunnen interessante ideeën uit voortvloeien die ik later als arts en manager meeneem naar de praktijk: hoe kun je de zorg efficiënter, goedkoper en tegelijkertijd kwalitatief beter maken voor de patiënt?”

Hoe zien jullie je eigen toekomst met de twee studies? 

Bono: “Ik wil beide vakgebieden combineren. De komende tijd ga ik kijken waarin ik mij wil specialiseren. Hoe ik precies mijn rol als manager in de zorg wil invullen, weet ik nog niet. Dat kan zijn als specialist met een leidinggevende rol, maar een toekomst als manager in bijvoorbeeld de farmaceutische of zorgverzekeringssector lijkt me ook heel interessant.”
Belle
: “Door de master in management ben ik anders naar mijn toekomst gaan kijken. Op dit moment neig ik meer naar een carrière als zorgmanager dan als specialist. Toch ga ik mijn coschappen lopen. Die zijn namelijk ook belangrijk als ik de managementkant op wil: ik ga het ziekenhuis bekijken vanuit het gezichtspunt van artsen. Zo leer ik hun belangen goed te begrijpen en belichten.”

Wat moet er volgens jullie veranderen in de zorg?

Belle: “Ik ben nog maar net begonnen met mijn coschappen, dus heb de waarheid niet in pacht. Maar ik heb het idee dat onder andere het multidisciplinaire overleg nog geoptimaliseerd kan worden. Op zo’n manier dat patiënten alle benodigde specialisten op dezelfde dag kunnen zien en maar één bezoek aan het ziekenhuis hoeven brengen.”
Bono
: “Ik denk dat we misschien het gehele zorgstelsel moeten veranderen. Enerzijds om de kwaliteit te kunnen blijven waarborgen, anderzijds om het betaalbaar te houden. Het ‘simpeler’ maken van de zorg zou een begin kunnen zijn. Er liggen, hoe dan ook, nog heel veel uitdagingen waarin ik mezelf een rol zie spelen.”